Alle lessen Module 3: Samen lezen Les 2
Van bevinding naar patroon
Hoe kom je van wat je ziet en voelt bij een patroon en een principe?
Na deze les werk je volgens een vaste trap (eerst de vlaggen, dan beschrijven, Acht Principes, plek, substantie en pathogeen, patroon en buren, toetsen aan de anamnese, principe), lees je de Acht Principes rechtstreeks uit tong en pols, herken je de denkfouten die het vaakst gemaakt worden, en werk je een casus trede voor trede uit.
Uit het hoofd
- De trap. 0 vlaggen; 1 beschrijven; 2 Acht Principes; 3 plek; 4 substantie en pathogeen; 5 patroon en buren; 6 toetsen aan de anamnese; 7 principe; ezelsbrug: eerst veilig, dan woorden, dan steeds smaller.
- Acht Principes uit tong en pols. Buiten: pols oppervlakkig, tong nog normaal. Hitte: rood, geel beslag, snel. Koude: bleek, wit nat beslag, traag. Vol: krachtige pols, dik beslag. Leeg: zwakke of dunne pols, weinig beslag; ezelsbrug: de pols zegt waar en hoe sterk, de tong hoe heet en wat er ontbreekt.
- Plek. De posities van de pols en de zones van de tong zijn twee kaarten. Komen ze overeen met de klachten, dan weegt de plek; anders beslissen de klachten.
- Substantie en pathogeen. Bleek, dun en wat droog: Bloed. Rood zonder beslag: Yin. Bleek, nat en gezwollen: Yang. Kleverig beslag: Vocht of Slijm. Paars: stase. Een pols als een snaar bij een normale tong: Qi die vastzit.
- Buren. Elk patroon heeft een buur die eruitziet als "hetzelfde plus iets". Dat iets is de bevinding die beslist: kou maakt Qi-leegte tot Yang-leegte, Hitte maakt stagnatie tot stagnatie met Hitte, en doorgezet tot Vuur.
- Vijf denkfouten. Te vroeg sluiten; alleen zoeken wat past; de pols naar het patroon buigen; één kenmerk als patroon lezen; de tong als bewijs gebruiken voor een patroon dat je op de tong baseerde; ezelsbrug: sluiten, zoeken, buigen, één, rond.
- Toetsen. Het patroon moet alles verklaren. Wat het niet verklaart, is een tweede laag, een rode vlag of een meetfout; nooit iets om weg te laten.
De rest van deze les is naslag.
Drie oefenvragen uit deze les
Welke trede komt altijd vóór het beschrijven van tong en pols?
- De rode vlaggen
- De Acht Principes
- Het principe
Antwoord: De rode vlaggen. Trede 0: moet dit eerst naar de arts? Een vlag sluit TCM niet uit, maar gaat voor.
Waarom beschrijf je eerst in vaste woorden, en noem je pas daarna een naam?
- Zodat een collega kan nazien wat je voelde
- Omdat namen in TCM pas na het principe komen
- Omdat het boek dat zo voorschrijft, zonder verdere reden
Antwoord: Zodat een collega kan nazien wat je voelde. Kenmerken kun je controleren en vergelijken; een naam die je meteen kiest, kleurt alles wat volgt, en dan buig je de pols naar het patroon.
Casus. Man van 26, sinds gisteren keelpijn, koorts meer dan rillen, dorst. Tong lichtrood met een rodere punt en een dun wit beslag. Pols oppervlakkig en snel. Welke Acht Principes?
- Buiten, Hitte, vol
- Binnen, Hitte, leeg
- Buiten, Koude, vol
Antwoord: Buiten, Hitte, vol. Acuut, oppervlakkig en snel, met koorts en keelpijn: Wind-Hitte. De tong is in het begin nog bijna normaal.
De rest van deze les
In de cursus volgen de uitleg in stappen met getekende tongen en polsgolven, 16 oefenvragen met casussen, 18 flashcards met gespreide herhaling, de valkuilen, de brug naar de fysiologie en de beeldtrainer. Deze les hoort bij module 3: Samen lezen.