Alle lessen Module 3: Samen lezen Les 1
Tong en pols samen
Wat doe je als tong en pols elkaar bevestigen, en wat als ze botsen?
Na deze les weet je wat het tonglichaam, het beslag en de pols elk het best laten zien en hoe snel ze veranderen, herken je de vier botsingen die het vaakst voorkomen, los je een botsing op in vijf stappen met de anamnese als scheidsrechter, en weet je wanneer de leerboeken de pols volgen en wanneer de klachten.
Uit het hoofd
- Drie klokken. Tonglichaam weken tot maanden: de grond. Beslag dagen: het pathogeen en de Maag. Pols uren tot dagen: de kracht, de Qi en het moment; ezelsbrug: grond, gast, golf.
- Wat elk het best toont. Tong: Hitte of Koude die al bestaat, en Bloed, Yin en Yang. Beslag: wat er ligt, hoe diep, heet of koud. Pols: vol of leeg, waar (de posities), en of de Qi vastzit (spanning).
- Vier botsingen. Rode tong met trage pols; bleke tong met snelle pols; vol op de tong en leeg in de pols, of omgekeerd; een normale tong met een afwijkende pols, of omgekeerd; ezelsbrug: heet tegen koud, koud tegen heet, vol tegen leeg, oud tegen nieuw.
- Vijf stappen bij een botsing. Kijk de meting na (licht, kleuring, rust, koffie, medicatie); welke klok; zoek een mengbeeld dat beide verklaart; laat de anamnese beslissen; noteer wat niet past; ezelsbrug: meten, klok, mengen, vragen, noteren.
- Pols of klachten volgen. Klachten volgen: duidelijke Volle Hitte met een volle, pijnlijke buik, maar een trage pols (Hitte die vastzit). Pols volgen: koude handen en voeten, maar een gladde, snelle, krachtige pols (echte Hitte, valse Koude). Alleen bij ernstige, complexe beelden.
- Een botsing is informatie. Meestal zijn het twee lagen (wortel en tak, Yin en Yang) of twee klokken (oud en nieuw); soms is het de meting. Zelden "klopt de tong niet".
- Rode vlaggen. Bleke tong met een snelle pols in rust: bloedarmoede, bloedverlies, schildklier, infectie. Koude handen en voeten met koorts, een snelle pols en sufheid: 112. Een trage pols bij een oudere: eerst medicatie, en bij duizeligheid een ECG.
De rest van deze les is naslag.
Drie oefenvragen uit deze les
Welke van de drie meters verandert het traagst, en wat laat hij daardoor het best zien?
- Het tonglichaam: de grond die al bestaat
- Het beslag: het pathogeen dat al maanden ligt
- De pols: de kracht die al jaren zo is
Antwoord: Het tonglichaam: de grond die al bestaat. Het tonglichaam verandert in weken tot maanden, het beslag in dagen, de pols in uren tot dagen. De traagste meter toont de grond: Bloed, Yin, Yang, en Hitte of Koude die al bestaat.
Je wilt weten of de Qi vastzit. Waar kijk je eerst?
- Naar de spanning van de pols
- Naar de kleur van het tonglichaam
- Naar de dikte van het beslag
Antwoord: Naar de spanning van de pols. Bij Qi-stagnatie is de tong vaak nog normaal, hooguit met iets rode zijkanten; de pols is gespannen als een snaar.
Casus. Vrouw van 36, sinds gisteren rillen, een stijve nek en een heldere, lopende neus. Tong lichtrood met een dun wit beslag. Pols oppervlakkig en strak. Wat is er aan de hand?
- Oud tegen nieuw: de pols toont al Wind-Koude, de tong nog niet
- Een meetfout: de pols is te licht gevoeld
- Lever-Qi-stagnatie: de pols is strak en de tong normaal
Antwoord: Oud tegen nieuw: de pols toont al Wind-Koude, de tong nog niet. In het begin van een buitenpatroon verandert de pols eerst; de tong is nog normaal. Strak en oppervlakkig met rillen en een stijve nek: Wind-Koude.
De rest van deze les
In de cursus volgen de uitleg in stappen met getekende tongen en polsgolven, 16 oefenvragen met casussen, 16 flashcards met gespreide herhaling, de valkuilen, de brug naar de fysiologie en de beeldtrainer. Deze les hoort bij module 3: Samen lezen.