TCM Campus

Alle lessen   Module 1: Tong   Les 7

Module 1   Les 7   Fen Qu

De kaart van de tong

Waar zit het, en hoeveel zegt de plek?

Na deze les plaats je een bevinding op de zonekaart en op de Drie Warmers, ken je de derde kaart (de Maag in drie delen) en weet je welke kaart bij welke vraag hoort, ken je de varianten tussen bronnen, lees je zone en bevinding samen als hypothese, en weet je welke plekjes eerst naar de tandarts of huisarts moeten.

achter in de mond Onderste Middelste Bovenste wortel: Nier, Blaas, darmen zijkanten: Lever, Galblaas midden: Milt en Maag borstzone (variant) achter de punt: Long punt: Hart punt, naar jou toe Drie kaarten onder midden boven onder midden boven organen chronisch, van binnen Warmers van buiten, koorts Maag maag en darmen De plek is een adres, geen diagnose. Zone en bevinding samen, getoetst aan anamnese en pols.
Schematisch. De organenkaart en de Drie Warmers op de tong zijn leerboek; de borstzone is een variant die je vooral in de lijn van het boek tegenkomt. De Maag in drie delen (boven, midden, onder) komt uit Chinese tongboeken en leerboeken. Vocht heet in het boek Damp.

Uit het hoofd

  • De kaart. Punt Hart; direct erachter Long; midden Milt en Maag; zijkanten Lever en Galblaas; wortel Nier, Blaas en darmen; ezelsbrug: de tong is een mens die je aankijkt, met borst en hart vooraan, de buik in het midden, het bekken achteraan en de flanken opzij.
  • Drie Warmers. Voorste deel Bovenste (Hart, Long), midden Middelste (Milt, Maag, aan de zijkanten Lever en Galblaas), wortel Onderste (Nier, Blaas, darmen).
  • Drie kaarten, drie vragen. Organen bij klachten van binnen en chronisch; Drie Warmers bij ziekte van buiten en koorts; de Maag in drie delen (punt boven, midden midden, wortel onder) bij maag- en darmklachten.
  • Varianten. Beide zijkanten voor Lever en Galblaas, of links Lever en rechts Galblaas; de Long op de punt met het Hart, of een eigen strook erachter; een borstzone tussen midden en punt; de Milt ook aan de randen van het midden.
  • Zone en bevinding. De zone zegt waar, de bevinding zegt wat; een zone zonder bevinding zegt niets. Rood over de hele tong lees je niet per zone; ezelsbrug: de plek is een adres, geen diagnose.
  • Vijf vaste combinaties. Rode punt: Hart-Hitte, of acuut een beginnende Wind-Hitte. Rode zijkanten: Lever-Hitte. Paarse zijkanten: Lever-Bloedstase. Kaal midden: Maag-Yin-leegte. Geel kleverig op de wortel: Vocht-Hitte in de Onderste Warmer.
  • Rode vlaggen. Een plekje, zweertje of verharding aan de zijkant (of waar dan ook) dat na drie weken blijft: tandarts of huisarts. Keelpijn met kwijlen, niet kunnen slikken of benauwdheid: 112.

De rest van deze les is naslag.

Drie oefenvragen uit deze les

Welk orgaan hoort bij de strook direct achter de punt?
  1. De Long
  2. Het Hart
  3. De Maag

Antwoord: De Long. De punt is het Hart, de strook erachter de Long; sommige bronnen zetten de Long samen met het Hart op de punt.

Welke kaart gebruik je het liefst bij een acute koortsende ziekte van buiten?
  1. De Drie Warmers: hoe diep zit het pathogeen?
  2. De organenkaart: welk orgaan is aangedaan?
  3. De Maag in drie delen: welk deel van de Maag?

Antwoord: De Drie Warmers: hoe diep zit het pathogeen?. De Drie Warmers op de tong worden vooral gebruikt bij ziekte van buiten; de organenkaart bij klachten van binnen; de Maag in drie delen bij maag- en darmklachten.

Casus. Man van 55, al jaren een branderige maag en een droge mond; hij heeft honger maar krijgt weinig weg. Het beslag ontbreekt in het midden; de rest van de tong is normaal van kleur. Welke hypothese?
  1. Maag-Yin-leegte, nog zonder Lege Hitte
  2. Maag-Hitte die het beslag wegbrandt
  3. Nier-Yin-leegte met een kale wortel

Antwoord: Maag-Yin-leegte, nog zonder Lege Hitte. Kaal in het midden is de Maag, en kaal is Yin. Rood zou er Lege Hitte bij betekenen; dik droog geel beslag zou Maag-Hitte zijn; de wortel is hier niet kaal. Een branderige maag die blijft: ook medisch laten beoordelen.

De rest van deze les

In de cursus volgen de uitleg in stappen met getekende tongen en polsgolven, 16 oefenvragen met casussen, 17 flashcards met gespreide herhaling, de valkuilen, de brug naar de fysiologie en de beeldtrainer. Deze les hoort bij module 1: Tong.