TCM Campus

Alle lessen   Module 4: Diagnostiek   Les 4

Module 4   Les 4   She Tai

Tong 2: beslag, vocht, zones en protocol

Wat vertelt het laagje op de tong over de Maag en het pathogeen, en hoe kijk je zo dat een collega hetzelfde ziet?

Na deze les lees je het beslag op dikte, kleur, wortel, kwaliteit en verdeling, volg je het beslag in de tijd, duid je het vocht, plaats je een bevinding op de zonekaart en de Drie Warmers, en werk je volgens een vast protocol.

achter in de mond Onderste Warmer Nier, Blaas, darmen Middelste Warmer Milt, Maag Lever, Galblaas Lever, Galblaas Bovenste Warmer Long Hart punt, naar jou toe Dikte geen Maag-Qi of Yin op dun normaal of begin dik pathogeen, dieper Kleur wit Koude; dun: normaal geel Hitte grijs, zwart extreem Vocht droog Hitte of Yin op licht vochtig normaal nat Yang-leegte, Vocht plus: wortel, kleverig of los, verdeling, verloop
Schematisch. De zonekaart is leerboek (module 1, les 11); sommige bronnen lezen links Lever en rechts Galblaas. De linialen vatten het leerboek samen. Het boek over beslag, vocht en zones: H23 p. 328 tot 331. Vocht heet in het boek Damp.

Uit het hoofd

  • Waar beslag vandaan komt (leerboek). De Maag rijpt het voedsel; een dun wit, geworteld beslag toont dat de Maag-Qi werkt. Geen beslag: Maag-Qi of Yin op. Dun: normaal of een begin. Dik: een pathogeen, sterker en dieper; ezelsbrug: dun is een Maag die werkt, dik is een gast die blijft, weg is een Maag die opraakt.
  • Kleur. Wit: Koude (dun wit is normaal). Geel: Hitte, hoe donkerder hoe heter. Grijs of zwart: extreem; nat is Koude, droog is Hitte.
  • Wortel en kwaliteit. Geworteld (groeit uit de tong, laat niet los): Maag-Qi intact. Zonder wortel (ligt erop, schraapt weg): Maag-Qi zwak. Kleverig: Vocht (boek: Damp) of Slijm. Los en korrelig: voedselstagnatie met Maag-Hitte. Geschild: Maag- of Nier-Yin op.
  • Verloop. Van dik naar dun: gunstig. Plots weg: ongunstig. Van wit naar geel: Koude wordt Hitte, of het pathogeen trekt naar binnen; ezelsbrug: het beslag is de weerkaart van deze week, het lichaam het klimaat.
  • Vocht. Licht vochtig is normaal. Nat: Yang-leegte of Vocht. Droog: Hitte die het vocht verbruikt, of Yin-leegte.
  • Zones. Punt Hart, direct daarachter Long, midden Milt en Maag, zijkanten Lever en Galblaas, wortel Nier, Blaas en darmen; als Drie Warmers: punt Boven, midden Midden, wortel Onder.
  • Protocol. Daglicht; vóór eten, drinken en poetsen; kort uitsteken en herhalen; eerst lichaam, dan beslag, vocht, zone en onderkant; vraag naar kleurende middelen.

De rest van deze les is naslag.

Tong 2: beslag, vocht, zones en protocol: Wat vertelt het laagje op de tong over de Maag en het pathogeen, en hoe kijk je zo dat een collega hetzelfde ziet?
Het schema als afbeelding, om te bewaren of te delen

Drie oefenvragen uit deze les

Waar komt het normale dunne witte beslag volgens het leerboek vandaan?
  1. Van de Nier die vocht laat opstijgen
  2. Van Slijm uit de Long
  3. Van de Maag die het voedsel rijpt

Antwoord: Van de Maag die het voedsel rijpt. Het beslag is een bijproduct van de Maag die het voedsel rijpt. Dun, wit en geworteld: de Maag-Qi werkt.

Het beslag is in drie dagen van dun wit naar dik geel gegaan.
  1. Het pathogeen trekt terug en de Hitte neemt af
  2. Het pathogeen groeit, trekt dieper en wordt heet
  3. De Maag-Qi en de Yin herstellen

Antwoord: Het pathogeen groeit, trekt dieper en wordt heet. Dun naar dik is groeien of naar binnen trekken; wit naar geel is Koude die Hitte wordt. Terugtrekken zie je als dik naar dun en geel naar wit; herstel van Maag-Qi en Yin als een dun wit beslag dat terugkomt.

Na een week behandeling wordt een dik kleverig beslag dunner en blijft het geworteld.
  1. Ongunstig: de Maag-Qi raakt op
  2. Gunstig: het pathogeen trekt terug
  3. Geen betekenis: beslag schommelt altijd

Antwoord: Gunstig: het pathogeen trekt terug. Dik naar dun met behoud van de wortel: het pathogeen trekt terug terwijl de Maag-Qi standhoudt. Dat is het verloop dat je wilt zien. Opraken van de Maag-Qi zie je als een beslag dat plots wegvalt.

De rest van deze les

In de cursus volgen de uitleg in stappen, 16 oefenvragen met casussen, 20 flashcards met gespreide herhaling, de valkuilen en de brug naar de fysiologie met bewijsklassen. Deze les hoort bij module 4: Diagnostiek.