Alle lessen Module 4: Diagnostiek Les 8
Pols 2: de 28 kwaliteiten
Hoe onderscheid je 28 polsen met drie vingers, en welke lijken zo op elkaar dat je ze verwart?
Na deze les beschrijf je een pols in acht kenmerken, ken je de 28 kwaliteiten in zes families, weet je per kwaliteit hoe ze voelt, wat ze betekent en waarmee je haar verwart, herken je de drie onregelmatige polsen als reden voor een ECG, en weet je welke kwaliteiten betrouwbaar te voelen zijn.
Uit het hoofd
- Acht kenmerken. Diepte, tempo, ritme, breedte, lengte, kracht, gladheid, spanning; ezelsbrug: waar, hoe snel, hoe regelmatig, hoe groot, hoe sterk, hoe het stroomt.
- Boven en diep. Boven: floating, overflowing, soggy, scattered, hollow, leather. Diep: deep, hidden, weak, firm; ezelsbrug: boven drijven er zes, diep liggen er vier.
- Traag en snel. Traag: slow, moderate, choppy, knotted. Snel: rapid, hurried, hasty, moving; ezelsbrug: elk tempo heeft een knoop of een haast.
- Leeg en vol. Leeg: empty, thin, minute, intermittent, short. Vol: full, slippery, tight, long, wiry.
- De drie onregelmatige. Hasty: snel, stopt onregelmatig. Knotted: traag, stopt onregelmatig. Intermittent: stopt op vaste momenten, met een lange pauze; ezelsbrug: haast, knoop, pauze.
- De lastigste paren. Wiry (strakke snaar) tegenover tight (gedraaid touw); soggy (zacht boven) tegenover weak (zacht diep); hollow (lege stengel) tegenover leather (trommelvel); thin (duidelijke draad) tegenover minute (bijna weg).
- Rode vlaggen. Elke onregelmatige pols: ECG. Hurried, rond 120 of meer in rust: dezelfde dag naar de huisarts. Hollow na bloedverlies, of minute, scattered of hidden bij een zieke cliënt: spoed.
De rest van deze les is naslag.

Drie oefenvragen uit deze les
Oppervlakkig en breed, zacht; de rand voel je, het midden is leeg, als de stengel van een lente-ui.
- Hollow
- Leather
- Soggy
Antwoord: Hollow. Hollow: na groot verlies van Bloed of vocht. Leather heeft een harde rand, soggy is dun zonder leeg midden.
Oppervlakkig, hard en strak, slaat tegen de vinger; diep is niets.
- Floating
- Leather
- Hollow
Antwoord: Leather. Leather, het trommelvel: verlies van Essentie of Bloed. Hollow heeft een zachte rand; floating is niet hard en verdwijnt diep niet, hij wordt alleen zwakker.
Strak, en springt een beetje zijwaarts tegen de vinger, als een gedraaid touw.
- Long
- Wiry
- Tight
Antwoord: Tight. Tight: Koude, pijn, voedselretentie. Wiry is recht en lang en springt niet.
De rest van deze les
In de cursus volgen de uitleg in stappen, 17 oefenvragen met casussen, 38 flashcards met gespreide herhaling, de valkuilen en de brug naar de fysiologie met bewijsklassen. Deze les hoort bij module 4: Diagnostiek.