TCM Campus

Alle lessen   Module 1: Fundamenten   Les 6

Module 1   Les 6   Gan en Pi

Patronen 1 tot 10: de Lever, de Milt en wat de Milt achterlaat

Tien patronen, vijf paar buren: welke bevinding beslist telkens?

Na deze les ken je per patroon twee sleutels, de tong, de pols en het principe, en noem je bij elk paar buren de bevinding die beslist. Punten en formules zijn ankers voor later. De kenmerken zijn vereenvoudigde leerankers, geen gevalideerde criteria, en patronen overlappen.

LEEGTE VOLTE leeg, koud leeg gemengd vol vol, heet Lever 肝 Hout Milt 脾 Aarde Vocht, Slijm 湿 痰 4 Bloed-leegte 3 Yang-stijging 1 Qi-stagnatie 2 Lever-Vuur 5 Lever overheerst Milt 7 Yang-leegte 6 Qi-leegte 8 met Vocht 10 Slijm-Vocht 9 Vocht-Hitte geeft Vocht geeft Slijm geeft Bloed-leegte wortel
Schematisch. Vulling: blauw leegte, rood volte, wit met stippelrand mengbeeld; rand: blauw Koude, rood Hitte. Doorgetrokken pijlen, de vaste ketens van deze les: 1 leidt tot 5; 6 geeft Vocht (8), Vocht geeft Slijm (10); 6 geeft Bloed-leegte (4); de wortel van 3 is Yin- of Bloed-leegte. Gestippeld, overgangen uit het leerboek: vastzittend Qi wordt warm (1 naar 2), Qi-leegte wordt Yang-leegte (6 naar 7).

Uit het hoofd

  • 1 Lever-Qi-stagnatie. Distensie die met de stemming meebeweegt, zuchten; tong normaal of rode zijkanten; pols wiry; Lever-Qi bewegen.
  • 2 Lever-Vuur en 3 Lever-Yang-stijging. Vuur: rode ogen, bittere smaak; tong rood met geel beslag; wiry-rapid; Lever-Vuur klaren. Yang-stijging: kloppende hoofdpijn, tinnitus; tong volgt de wortel; wiry; Yang onderdrukken en wortel voeden. ezelsbrug: geel beslag en een snelle pols is Vuur; toont de tong de leegte, dan stijgt Yang.
  • 4 Lever-Bloed-leegte. Droge ogen en wazig zicht, krampen en broze nagels, schaarse menstruatie; tong bleek en dun; pols choppy of thin; Lever-Bloed voeden.
  • 5 Lever overheerst Milt. Stressgebonden buikpijn, wisselende ontlasting; pols wiry links (Lever), zwak rechts (Milt); Lever harmoniseren, Milt versterken.
  • 6 Milt-Qi-leegte en 7 Milt-Yang-leegte. Qi: moe en opgeblazen na het eten, dunne ontlasting; tong bleek met tandafdrukken; pols empty; Milt-Qi versterken. Yang: erbij kou en waterige ontlasting; tong bleek, nat, gezwollen; pols deep, weak, slow; Milt-Yang verwarmen, moxa. ezelsbrug: 7 is 6 zonder vuur onder de ketel; de natte tong verraadt het.
  • 8 Milt-leegte met Vocht en 10 Slijm-Vocht. Vocht: zwaarte, kleverige dunne ontlasting; tong gezwollen met kleverig wit beslag; pols slippery of soggy; Milt versterken, Vocht transformeren. Slijm: beneveld hoofd, beklemde borst; dik kleverig beslag; pols slippery; Slijm oplossen, Milt versterken. ezelsbrug: Vocht zakt, Slijm klimt; wit en dun is 8, dik is 10.
  • 9 Vocht-Hitte. Stinkend en branderig, dorst zonder drinkbehoefte; tong rood met kleverig geel beslag; pols slippery-rapid; Hitte klaren, Vocht afvoeren.

De rest van deze les is naslag.

Patronen 1 tot 10: Tien patronen, vijf paar buren: welke bevinding beslist telkens?
Het schema als afbeelding, om te bewaren of te delen

Drie oefenvragen uit deze les

Casus. Man van 35. Buikpijn en een opgezette buik als het druk is op het werk; dan weer dunne, dan weer harde ontlasting; veel winden; moe. Pols links gespannen, rechts zwak.
  1. 5 Lever overheerst Milt
  2. 6 Milt-Qi-leegte
  3. 1 Lever-Qi-stagnatie

Antwoord: 5 Lever overheerst Milt. Klachten aan stress gekoppeld én Milt-tekens (wisselende ontlasting, moe), met een pols die het zegt: wiry links, zwak rechts. Zuiver 1 heeft geen Milt-tekens, zuiver 6 geen koppeling aan stress.

Casus. Vrouw van 29. De week voor de menstruatie gespannen borsten, prikkelbaar, zucht veel; buik opgezet bij spanning, ontlasting normaal, niet moe. Tong normaal. Pols wiry.
  1. 1 Lever-Qi-stagnatie
  2. 5 Lever overheerst Milt
  3. 2 Lever-Vuur

Antwoord: 1 Lever-Qi-stagnatie. Distensie die met emoties wisselt, PMS en zuchten, zonder Hitte en zonder Milt-tekens: 1. Geen rode ogen en geen geel beslag: geen Vuur. Normale ontlasting en niet moe: de Milt doet (nog) niet mee.

Casus. Man van 50. Voelt zich zwaar, moe, licht misselijk; kleverige dunne ontlasting die aan de pot blijft plakken, zonder stank, niet branderig. Tong gezwollen met kleverig wit beslag. Pols glad en week.
  1. 7 Milt-Yang-leegte
  2. 8 Milt-leegte met Vocht
  3. 9 Vocht-Hitte

Antwoord: 8 Milt-leegte met Vocht. Zwaarte en kleverigheid op een Milt-leegte, wit beslag en een soggy pols. Geen Hitte: niet 9. Geen kou, geen waterige ontlasting en geen natte tong: niet 7.

De rest van deze les

In de cursus volgen de uitleg in stappen, 19 oefenvragen met casussen, 37 flashcards met gespreide herhaling, de valkuilen en de brug naar de fysiologie met bewijsklassen. Deze les hoort bij module 1: Fundamenten.